Print

Oorzaken

Er is verrassend - of eigenlijk: teleurstellend - weinig bekend over smaakstoornissen.

Tijdelijke smaakstoornissen kunnen optreden bij verkoudheid, na het gebruik van bepaalde medicijnen (zie een overzicht in het geneesmiddelenbulletin, 2001), als gevolg van kankertherapie (bestraling, chemotherapie) maar ook door beschadiging van de tong, bv. wanneer je iets gegeten of gedronken hebt dat te heet was.

Blijvende smaakstoornissen kunnen optreden bij bepaalde ziektes en/of als gevolg van bepaalde medicijnen, maar heel vaak is niet bekend wat de oorzaak is.

Oorzaken die genoemd worden:

  • Beschadiging van de smaakpapillen op de tong - meestal gaat het dan om een tijdelijke stoornis, omdat smaakpapillen iedere 7-10 dagen vervangen worden. 
  • Vergiftiging van de smaakpapillen in de mond. Dan is een bekend neveneffect van bepaalde antibiotica en van geneesmiddelen bij kanker, hartklachten, reuma. Wanneer gestopt wordt met de medicijnen, komt de smaak meestal onmiddellijk of binnen enkele dagen terug.
    Ook amalgaam vergiftiging wordt genoemd als mogelijke oorzaak van smaakverlies - en van zeer veel andere stoornissen. Amalgaam wordt gebruikt voor 'zilveren' vullingen door de tandarts en bevat kwik. Het kwik in de vullingen zou langzaam vrij komen, en kunnen leiden tot allerlei gezondheidsklachten. Medisch en tandheelkundig onderzoek heeft (nog) geen bewijzen kunnen vinden voor deze veronderstelling, maar dat is natuurlijk geen 100% sluitend bewijs dat amalgaam vergiftiging níet kan voorkomen. Meer info. over de (vermeende) giftigheid van amalgaam o.a. op het volgende adres (Engelstalig): "Dental Amalgam Mercury Poisoning". 
  • Een ontsteking van het mondslijmvlies (stomatitis) bv. door een Candida-infectie. De infectie kan behandeld worden met medicijnen, waarna de smaak zich in de meeste gevallen zal herstellen. Een tekort aan speeksel. Het speeksel maakt smaakstoffen in voedingswaren vrij, en brengt het naar de smaakpapillen. Bovendien speelt speeksel een belangrijke rol bij de ontwikkeling van nieuwe smaakpapillen. Een gezonde volwassene produceert tot 1,5 liter speeksel per dag.
    Een tekort aan speeksel komt voor bij bepaalde ziektes - o.m. bij het Syndroom van Sjögren (pijn in de gewrichten, weinig of geen speekselproduktie, geen traanvocht), maar is ook een algemene klacht van veel ouderen. In de Engelstalige literatuur staat dit probleem bekend als 'Dry Mouth' of Xerostomia. Er zijn verschillende 'speeksel-vervangers' in de handel voor dit probleem. 
  • Een beschadiging van één van de zenuwen die smaakinformatie van de mond doorgeven naar de hersenen, iets dat volgens dit artikel o.m. kan gebeuren bij het trekken van kiezen - of doordat de zenuw direct beschadigd wordt door de injectienaald van de verdoving, en/of door de stoffen die gebruikt worden voor de verdoving.
    Ook een virusinfectie zou één van de drie zenuwen die de informatie van de mond naar de hersenen doorgeven kunnen beschadigingen. Bij sommige mensen die voorheen zeer smaakgevoelig waren (zogenaamde 'supertasters') zou een beschadiging van één van deze zenuwen kunnen leiden tot een soort van 'fantoom-smaak' - te vergelijken met de fantoompijn die iemand kan voelen in een geamputeerde voet of arm. De 'fantoom-smaak' zou eerst metaalachtig zijn, later pijnlijk brandend. Het is één van de verklaringen voor het 'burning mouth' of 'burning tongue' syndroom. Het medicijn Clonazepam zou volgens dit artikel bij ongeveer 70% van deze patiënten een oplossing zijn. 
  • Een beschadiging van het 'smaakcentrum' in de hersenen, als gevolg van een tumor of een herseninfarct. Dit komt slechts (heel) zelden voor. Bij slechts 1/2 % van de patiënten met een hersenbeschadiging zou er sprake zijn van een smaakstoornis - die bovendien vaak tijdelijk is. Daarnaast kan de smaak na een hersenbeschadiging tijdelijk verstoord zijn door gebruik van bepaalde medicijnen die voorgeschreven worden.